Lezing
Op
vrijdagavond 15 november 2002 organiseerde Hypo maar niet Happy,
belangengroep mensen met hypothyreoïdie, met medewerking van Robert
Linschoten, Arts Preventieve-, Orthomoleculaire- en Natuurgeneeskunde, een
lezing in het Educatorium te Utrecht.
De opzet van de avond was belangrijke kennis te verspreiden over de
behandeling van hypothyreoïdie (= verminderde of geen schildklierwerking)
waarbij de patiënt centraal stond. Veel hypothyreoïdiepatiënten, die zich
nog steeds niet goed voelen ondanks behandeling met T4*), blijken zich
beter te gaan voelen wanneer zij ook T3*), het actieve schildklierhormoon,
gaan gebruiken. Dit kan met name verbetering geven bij klachten van
vermoeidheid, spier- en gewrichtspijnen, concentratieproblemen, opname van
kennis en depressieve gevoelens.
De sprekers
De voorzitter van de avond, Bella van
Ballegooijen, heette iedereen welkom met het strijdlied van de
belangengroep, de ‘HypHapRap’. Voor de pauze spraken Lottie van
Starkenburg en Pieternel Bouwman, beiden lid van de belangengroep, over
hun eigen ervaring met respectievelijk synthetisch en dierlijk
schildklierhormoon en gaf dokter Robert Linschoten informatie over de
schildklier vanuit medisch standpunt. Na de pauze was er gelegenheid om
vragen uit de zaal te beantwoorden.
Lottie van Starkenburg
Lottie van Starkenburg (24) sprak
over haar ervaring met het ‘jezelf instellen’ op schildklierhormoon en de
combinatietherapie van synthetisch T4 en T3.
Toen zij ontdekte dat zij hypothyreoïdie
had en na veel vijven en zessen ook een arts daarvan wist te overtuigen,
heeft zij zich verdiept in de materie. Op basis daarvan heeft zij in
eerste instantie verschillende doses T4 en later ook verscheidene doses T3
uitgeprobeerd. Ze heeft steeds goed bijgehouden hoe haar lichaam hierop
reageerde. In overleg met de endocrinoloog is zij zo tot een voor haar
goede dosering gekomen. Bovendien vertelt zij hoe T3 haar leven totaal
heeft veranderd: “Ik voel me weer zo gewoon…” Dankzij haar (eigen)wijsheid
is ze nu een goed ingestelde hypothyreoot die weer volledig kan
functioneren. Ze wenst daarom de mensen T3 toe. Wel waarschuwt ze aan het
eind om niet zelf te gaan experimenteren met medicijnen maar dit in
overleg met de behandelend arts te doen.
Pieternel Bouwman
Vervolgens kwam Pieternel Bouwman
(41) aan het woord. Zij vertelde over haar negen jaar lange zoektocht naar
erkenning en de juiste medicijnen.
Zij werd hypothyreoot na de geboorte van
haar eerste kind. Volgens haar internist zou dit met medicijnen eenvoudig
te behandelen zijn. Echter, ze hield veel last van o.a. hartkloppingen.
Hierdoor werd ze zeer ernstig in haar functioneren belemmerd. Een
verhoging van de dosis T4 betekende meer hartkloppingen, verlaging gaf
ernstige ‘hypo-klachten’. Ook de bètablokkers die zij kreeg voorgeschreven
tegen de hartkloppingen, mochten niet baten. Uiteindelijk was ze
lichamelijk en geestelijk zo verzwakt dat “een pluisje wegblazen al teveel
was”. Tenslotte kwam ze bij dokter Linschoten terecht. Hij schreef haar
dierlijk schildklierhormoon voor, dat zowel T4 als T3 bevat. Al snel
merkte ze verbetering en voelde zich weer mens worden. Er is nog een lange
weg te gaan, maar die ziet ze vol vertrouwen tegemoet.
Dokter Robert Linschoten
Na deze twee ervaringsverhalen sprak
dokter Linschoten, natuurgeneeskundig- en orthomoleculair arts, een uur
lang. Hieronder volgt een korte samenvatting van zijn geanimeerde, heldere
en interessante lezing. Voor verder informatie kunt u terecht op de
website van de belangengroep (www.hypomaarniethappy.nl) en in de door
Linschoten zeer geprezen ‘Hypo maar niet Happy-informatiemap’.
Samenvatting
In Nederland hebben ruim 500.000
mensen een schildklierprobleem. Dat is minstens zoveel als er
diabetespatiënten zijn! Veel mensen lopen onbehandeld rond en worden vaak
niet als schildklierpatiënten herkend. Hoe langer het duurt voor mensen
geholpen worden, hoe moeilijker het is om ze in te stellen.
De schildklier, een vlindervormig orgaan
in de hals, maakt van jodium en thyroxine voornamelijk de hormonen T4 en
T3. Daarnaast worden zeer kleine hoeveelheden T2, T1 en rT3 uitgescheiden.
Op rT3 na, hebben alle hormonen een functie. T4 wordt in het lichaam
omgezet in het actieve schildklierhormoon T3.
De belangrijkste functies van schildklierhormonen zijn zorgen voor warmte,
gewichtregulatie, zuurstofconsumptie en groei. Ze spelen een belangrijke
rol in de vet-, koolhydraat- en eiwitstofwisseling.
Deze hormonen hebben invloed op alle
organen en cellen in het lichaam. Iedere cel heeft schildklierhormoon
nodig. Daarom ontstaat er bij hypothyreoïdie ook zo’n scala aan klachten.
Vervolgens maakt dokter Linschoten
onderscheid tussen klachten en symptomen.
Klachten zijn de problemen die de patiënt ervaart. Denk aan
gewichtstoename, kouwelijkheid, vermoeidheid, slaapproblemen, verminderde
afweer, psychische klachten, traagheid, huidproblemen,
menstruatieklachten, spier- en gewrichtsklachten, hartklachten...
Symptomen kunnen middels onderzoeken worden aangetoond. Denk hierbij aan
bloed- en urineonderzoeken (TSH, FT4, T3, verhoogd cholesterol,
antistoffen tegen de schildklier), en aan lichamelijk onderzoek:
lichaamstemperatuur (bij hypothyreoïdie is vaak sprake van een lage
ochtendtemperatuur, d.w.z. onder de 36,4 graden C.), uitgestelde
achillespeesreflexen, vertraagde groei en myxoedeem (= wasachtige zwelling
van de huid waarin geen putjes kunnen worden gedrukt).
Helaas zijn voor veel artsen de
bloedtesten doorslaggevend. Dokter Linschoten noemt dat de ‘tirannie van
de TSH’. Voor hém zijn de klachten van de patiënt doorslaggevend, niet de
bloeduitslagen.
De oorzaken van hypothyreoïdie zijn
velerlei: een auto-immuunziekte, ontstekingen, bloedverlies en hormonale
veranderingen na een bevalling, chirurgie bij hyperthyreoïdie
(verwijdering van -een deel van- de schildklier), radio-actieve straling
(ook ‘de slok’: behandeling van hyperthyreoïdie met radio-actief jodium),
erfelijkheid, (ernstige) stress (kan de hypofyse-hypothalamus-as
beïnvloeden), voeding en medicijnen (b.v. lithium of amiodaron).
Er zijn verschillende behandelingen
mogelijk. Soms wordt geprobeerd om de schildklier door injecties of met
behulp van voedingssupplementen weer ‘aan de praat’ te krijgen. Meestal is
het echter noodzakelijk om mensen met hormonen te behandelen.
De bekendste behandeling is die met
hormonen. In Nederland is het gangbaar om alleen T4 voor te schrijven. Het
dogma onder de artsen is: “T4 wordt in voldoende mate in het lichaam
omgezet in het werkzame T3.” Dit gaat in de praktijk echter vaak niet op.
Een combinatietherapie van T4 en T3 is
daarom beter. Een andere mogelijkheid is dierlijk schildklierhormoon. Dit
is vollediger omdat het alle schildklierhormonen en thyreoglobuline (= het
eiwit dat schildklierhormonen transporteert) bevat. Helaas wordt deze
behandeling in Nederland niet geaccepteerd, onder andere in verband met
economische motieven.
De behandeling kan uitgebreid worden met
voedingsadviezen. Zo vindt dokter Linschoten het voor
hypothyreoïdie-patiënten belangrijk om veel eiwitten te eten (minstens 100
gram per dag) en zo min mogelijk geraffineerde koolhydraten (suikers) te
gebruiken. Lijnen werkt averechts omdat men dan te weinig eiwitten binnen
krijgt. Bovendien werkt het mechanisme zo, dat de schildklier bij vasten
nog minder hormoon afscheidt en daardoor stagneert de verbranding nog
meer.
Andere mogelijkheden zijn een
orthomoleculaire behandeling (toevoeging van b.v. koper, selenium,
tyrosine, magnesium, vitamine A, chroom en ijzer), kruiden worden soms
toegepast evenals acupunctuur.
Tenslotte wijst Linschoten erop dat
mensen niet bang moeten zijn om op een
combinatiepreparaat over te schakelen of om te gaan ‘hyperen’. Hij
onderstreept het belang om zelf mee te denken over je gezondheid, een
eigen dossier aan te leggen en zelf te beslissen. Neem het stuur van uw
eigen gezondheid in handen!
Vragen vanuit het publiek
In de pauze was er gelegenheid om
vragen op te schrijven. Na de pauze werden die, aangevuld met vragen uit
de zaal, voor zover mogelijk beantwoord door een panel bestaande uit de
eerdere sprekers en Bert Bakker, de oprichter van de website. Een aantal
vragen kwam niet meer aan bod door tijdgebrek. Toegezegd werd de vragen
naderhand op de website te zullen publiceren. Een compleet overzicht van
alle vragen en antwoorden is inmiddels beschikbaar.
Opkomst en reacties
Naast enkele genodigden waren er
ongeveer tweehonderd mensen afgekomen op de lezing. Aan de reacties na
afloop was te merken dat de lezing nuttig en zeer geslaagd was. Ook de
berichten die nadien op het HypoForum verschenen gaven de indruk van een
succesvolle bijeenkomst.
*) T4 = tetrajodothyronine of
thyroxine (stofnaam) of levothyroxine (synthetisch)
*) T3 = trijodothyronine (stofnaam) of liothyronine (synthetisch)
Vragen en
antwoorden
Op de informatieavond hebben veel mensen
gebruikt gemaakt van de mogelijkheid (schriftelijk) een vraag aan (één
van) de sprekers te stellen. Zoveel mensen, dat het onmogelijk bleek alle
vragen ter plekke te beantwoorden. Hieronder doen wij dat alsnog zo
compleet mogelijk: enkele vragen waren te persoonlijk, onleesbaar of te
ingewikkeld om een antwoord op te geven. De vragen en antwoorden zijn per
onderwerp gesorteerd.
Let op: het gaat om algemene antwoorden. Uw
persoonlijke situatie kunnen wij niet beoordelen!
Onderwerpen
Bloed goed, maar...
T3
Dierlijk schildklierhormoon
Hypothyreoïdie algemeen
Divers
Dieet en afvallen
Voeding en supplementen
Vrouwelijke hormonen en hypothyreoïdie
Beschikbaarheid en vergoeding schildklierhormoonpreparaten
Aanbevolen artsen
Bloed goed, maar...
“Dokter Linschoten, bent u van mening dat als door de huisarts is
geconstateerd dat de TSH-waarde goed is en er dus niets aan de hand is,
maar ik zelf het merendeel van de symptomen herken, ik toch op behandeling
met schildkliermedicijnen moet aandringen?”
Dokter Linschoten: “Wel of niet
behandelen als het TSH ‘goed’ is? Je moet de cliënt behandelen en niet het
bloed! Het blijkt van groot belang mondig te zijn ten opzichte van een
behandelend arts. Bevalt de samenwerking je niet, ga dan naar een andere
arts! Te vaak hebben schildklierpatiënten moeten horen dat zij zeuren of
dat het ‘tussen de oren’ zit! Of, tegen hen die veel zijn aangekomen, dat
ze maar eens moet stoppen met zoveel te eten! Schildklierpatiënten worden
juist dikker van lijnen, dat is een vaststaand feit.
Wees erg alert op de signalen van je eigen lichaam. Ik raad iedereen met
klem aan om een ‘dagboek’ bij te houden en klachten te noteren. Dit is van
belang in de onderhandelingen met je arts maar vooral om zelf inzicht te
krijgen in hoe je lichaam reageert.”
Uit het publiek komt de vraag:
“Wat moet je doen als je huisarts weigert een verwijsbrief te schrijven
voor de internist, bijvoorbeeld om deze te vragen naar zijn mening over
die ‘goede’ bloeduitslagen?”
Dokter Linschoten: “Neem uw eigen
verantwoordelijkheid. Ga naar die internist!”
Lottie van Starkenburg: “Kom op voor
jezelf, wees geïnformeerd en mondig en trek ten strijde! Ga in discussie
met die dokter, laat zien dat er met u en uw klachten niet gesold wordt.
Maak u kwaad als dat nodig is. Ik was ook ooit ‘overspannen’ volgens de
huisarts, het zat tussen mijn oren... Ik ben met een spoedverwijzing de
deur uitgegaan! Het is moeilijk omdat je juist als hypothyreoïdie-patiënt
de energie en de alertheid mist om goed voor jezelf op te komen. Maar
twijfel niet: als u ziek bent, dan behoort een dokter dit zorgvuldig te
onderzoeken!”
“Ik ben ME-patiënt, heb dezelfde
klachten als bij hypothyreoïdie. Volgens de arts zijn de bloeduitslagen
normaal dus heb ik geen schildklierprobleem. Mijn gevoel zegt anders.
N.a.v. ‘Hypo maar niet Happy’ ben ik naar deze avond gekomen. Wat nu te
doen? (Na 5 weken Atkins-dieet, geen koolhydraten en veel eiwitten dus,
ben ik nauwelijks afgevallen.)”
Lottie van Starkenburg: “Het eerste wat u
moet doen is controleren of die bloeduitslagen ook echt ‘goed’ waren. Niet
alle artsen interpreteren de TSH-test correct! Elk TSH boven de 2 is
verdacht, zeker als de FT4 laag-normaal zit, zeg beneden de 15 (pmol/l).
Ten tweede is het belangrijk dat ook FT4 en FT3 (de hoeveelheden vrij
beschikbaar schildklierhormoon in uw bloed) bepaald worden, net als
antilichamen tegen de schildklier. Deze bepalingen kunnen aantonen dat er
wel degelijk iets met de schildklier aan de hand is. Heeft u familieleden
met een schildklierziekte? Dat wijst op een erfelijke aanleg. Ook een
TRH-test kan het overwegen waard zijn, deze kan een verborgen
hypothyreoïdie opsporen. Laat uitsluiten dat er sprake is van secundaire
of tertaire hypothyreoïdie (dan ligt de oorzaak niet in de schildklier
zelf maar in hypofyse of hypothalamus). Zoek bovendien een top-dokter,
eentje die alle nuances in de interpretatie van schildkliertesten kent.
Als deze testen allemaal negatief terugkomen, en u blijft ervan overtuigd
dat u schildklier-medicatie wilt proberen, dan wordt het moeilijk maar
niet onmogelijk. Er is her en der in de literatuur wel iets te vinden over
hypothyreoïdie met ‘normale’ bloeduitslagen. Minstens zo belangrijk is dat
u uw arts laat weten dat u een proefbehandeling met schildklierhormoon
wilt. Zorg dat u weet wat de voor- en nadelen van zo’n experiment zijn.
Maak bijvoorbeeld duidelijk dat u weet wat ‘hyper’-symptomen zijn zodat u
die zult herkennen als ze optreden. Artsen zijn eerder geneigd mee te gaan
in een experiment als het verzoek van een mondige en goed geïnformeerde
patiënt afkomstig is.
Als ik ooit de tijd vind, zal ik mijn familiegeschiedenis opschrijven en
op deze site publiceren. Hypothyreoïdie komt veel voor in mijn familie,
maar het hoogst gemeten TSH is nog geen 6. Het gaat bij ons om ‘gewone’,
primaire hypothyreoïdie. De meeste familieleden testen positief op
antilichamen tegen de schildklier. Tot nu toe zijn we er altijd in
geslaagd een arts te vinden die T4 (en later ook T4 en T3) wil
voorschrijven, al kostte het soms veel moeite. Het is echter altijd 100%
de moeite waard geweest! Overigens: wij slikken geen kinderachtige
doseringen. Binnen een half jaar tot een jaar zaten we allemaal op meer
dan 100 mcg T4! Met andere woorden, de doseringen schildklierhormoon die
wij slikken zijn meer in overeenstemming met hoe we ons voelen zónder
schildklierhormoon, dan met de TSH’s die we dan hebben.”
“Bij mijn bloedonderzoek wordt er
alleen getest op TSH en FT4. Wanneer wordt er ook getest op FT3?”
Lottie van Starkenburg: “Op FT3 wordt
niet standaard getest, omdat deze test als minder betrouwbaar geldt. Dat
komt omdat het FT3 sterk kan wisselen over de dag. De FT4-waarde is
aanmerkelijk stabieler. Toch blijkt het FT3 bij veel hypo’s hoe dan ook
aan de lage kant te zijn. Vraag erom dus!”
Dokter Linschoten: “Het is verstandig om
naar FT3-bepaling te vragen, het wordt door steeds meer laboratoria
gedaan. Ook is het uit 24-uurs urine te bepalen. (Bijvoorbeeld door het
Europees Laboratorium voor Nutrienten te Bunnik, telefoonnummer:
030-2871492)”
“Hoe kun je bewerkstelligen dat
T3 weer op de laboratoriumlijst komt? Nu moet het er apart bij gezet
worden.”
Dokter Linschoten en Lottie van
Starkenburg (in koor): “Blijven vragen!”
T3
“Op mijn vraag of ik op T4/T3
behandeling over mocht gaan, vertelde iemand in het AMC mij dat juist het
gebruik van T3 hartproblemen kan veroorzaken en dus niet als
behandelmethode gebruikt wordt. Klopt dit?”
Dokter Linschoten: “Het is waar dat in
het verleden mensen wel hartproblemen kregen bij (excessief) T3-gebruik.
Meestal betrof het hier echter de gevolgen van onzorgvuldige dosering en
begeleiding. In die tijd waren kennis van schildklierproblemen en
laboratoriumtechnieken natuurlijk nog niet zo ontwikkeld. Tegenwoordig
kunnen we veel preciezer meten en doseren. Hoewel we niet precies weten
hoe het komt, is er een aantal mensen dat bij uitsluitend T4-gebruik
(Thyrax) hartkloppingen krijgt. Deze kunnen juist overgaan met het gebruik
van T3 ernaast.”
“Heb ik goed begrepen dat de T3
zeker achteruit gaat bij het slikken van enkel Thyrax? Zo ja, is dit te
voorkomen met het gebruik van schildklierpoeder? Hoe kom ik aan een recept
daarvoor? Is dit voor iedereen geschikt?”
Dokter Linschoten: “De omzetting van T4
naar T3 wordt op den duur minder, is mijn ervaring. Preparaten van
schildklierpoeder (zoals thyreoïdum of ArmourThyroid) zijn voor veel
patiënten goed en soms noodzakelijk, men moet dat ervaren. Een recept moet
u aan de huisarts of een andere arts vragen. Verschillende artsen voor
Natuurgeneeskunde zijn daartoe bereid.”
“Hoe lang zou men moeten wachten
op eventuele verbetering van klachten na ‘juiste instelling’ en bij inzet
van alleen T4 om te kunnen concluderen dat er geen verbetering meer in
zit, zodat een combinatie van T4 en T3 gewenst is?” Of is ieder wachten
verspilde moeite?”
Lottie van Starkenburg: “Goede vraag! Ik
raak er meer en meer van overtuigd dat iedereen met hypothyreoïdie T4 én
T3 moet slikken om alle klachten (zo veel mogelijk) te laten verdwijnen.
Maar dat is mijn mening.
Een bekend gegeven, bij zowel T4 als T4/T3 behandeling, is dat eerst het
bloed ‘goed’ wordt en het vervolgens nog enige maanden duurt voordat het
maximale effect (verbetering van klachten) bereikt is. Met name klachten
als depressiviteit en brain fog (‘hersen-mist’) duren lang, als ze al
overgaan met alleen T4. Wat voor mij de doorslag gaf om niet langer af te
wachten: ik voelde dat er geen verbetering meer in zat.”
“Indien de schildklier niet meer werkt door de ziekte van
Hashimoto, is dan gebruik van uitstuitend Cytomel zonder Thyrax mogelijk?
Of is een kleine hoeveelheid Thyrax noodzakelijk voor het in stand houden
van de TSH-regelkring?”
Lottie van Starkenburg: “Behandeling met
uitsluitend T3 is mogelijk maar niet wenselijk: T3 wordt snel verbruikt,
moet dus veel vaker geslikt worden en is daarom moeilijker te doseren.
Bovendien zijn sommige organen meer gevoelig voor T4, andere voor T3. Mijn
inziens is de beste behandeling een combinatie van T4 en T3. Daarbij, T4
slikken doe je niet om de goede hoeveelheid TSH in je bloed te krijgen!
TSH heb je niet nodig, wél goede hoeveelheden schildklierhormoon.”
“Moet de FT4 ook aan de hoge kant
zijn als je Armour (of Thyrax/Cytomel) slikt? Je bent dan immers niet meer
zo afhankelijk van goede omzetting van T4 in T3.”
Lottie van Starkenburg: “Weer een goede
vraag. Mijn ervaring is dat sommige mensen na overstappen van T4 op T4/T3
inderdaad met een lagere FT4 af kunnen dan voorheen. Voor anderen, vooral
mensen die lang on(der)behandeld zijn geweest, blijft het streven naar een
hoognormaal FT4 noodzakelijk. Dit is een persoonlijke ervaring, gebaseerd
op wat ik hoor en zie bij patiënten, niet op medisch onderzoek (helaas).”
“Ik ken mijn waarden sinds juli.
Die zijn met 50 mcg T4 (2 ‘blauwtjes’Thyrax) nu TSH 2,7, FT4 13,2 en T3
4,5. Op eigen verzoek heb ik er nog 25 mcg (1 ‘blauwtje’) bij genomen
omdat ik klachten hield. Ik heb nog geen nieuwe bloedwaarden. Heeft T3 wel
zin als je niet zoveel T4 gebruikt?”
Lottie van Starkenburg: “Er zijn heel
weinig hypo’s met een TSH boven de 2 die zich goed voelen. Samen met de
laagnormale FT4 en FT3 verbaast het me niets dat je klachten hield. Als
verhoging van T4 niet tot de gewenste vermindering van de klachten leidt,
is T3 zeker een optie, ook al slik je niet veel T4. Je moet dan natuurlijk
ook een kleine(re) hoeveelheid T3 slikken om tot een goede verhouding
T4/T3 te komen.”
“Ik heb sinds een half jaar
hypothyreoïdie en functioneer eigenlijk goed op T4 op dit moment. Is het
dan toch verstandiger om T4 + T3 te gaan gebruiken? PS: ik ben nog wel
vaak moe maar dat ben ik al zo lang dat ik er wel aan gewend ben.”
Lottie van Starkenburg: “Ik vind vaak moe
zijn niet normaal, maar aan u de keus in hoeverre u er mee wilt leven of
een alternatief wilt proberen. Als u overstapt, kunt u daar in het begin
last van hebben. Soms is het even zoeken naar de goede dosis en ook daar
kunt u last van hebben. Aan de andere kant: T3 helpt vooral bij
‘hersenklachten’, spier- en gewrichtspijn, en vermoeidheid. T3 proberen
zou best eens de moeite waard kunnen zijn!”
“Is het zo dat als je van
Eltroxin (T4) overstapt op dierlijk hormoon of een synthetische T3-T4
combinatie, je je slaapmedicatie en antidepressiva kan laten staan?”
Lottie van Starkenburg: “Nooit acuut
stoppen met antidepressiva en slaapmedicatie! Het is wel mogelijk dat bij
T3-gebruik, u op den duur kan minderen of helemaal stoppen met die andere
medicijnen, maar dat zijn geen dingen om op eigen houtje mee te
experimenteren!”
“Ik haal synthetische en
dierlijke hormonen door elkaar. Kunt u nog even opnoemen?”
Lottie van Starkenburg: “Natuurlijk.
Synthetische hormonen zijn Thyrax (T4), Euthyrox (T4), Eltroxin (T4),
Cytomel (T3), Cynomel (T3; Frans), Thybon (T3; Duits) en Novothyral
(T4+T3). Dierlijk schildklierhormoon, gemaakt van de schildklieren van
varkentjes, wordt in z’n algemeenheid schildklierpoeder genoemd. In
Nederland wordt voornamelijk thyreoïdum of ArmourThyroid gebruikt.
Schildklierpoeder bevat T4, T3 en andere stoffen (‘schildkliercomponenten’
zoals thyreoglobuline). Overigens, de T4 en T3 uit synthetische en
dierlijke producten zijn ‘chemisch identiek’, dat wil zeggen dat de
moleculen exact hetzelfde zijn. Het enige verschil tussen dierlijk
schildklierhormoon en een synthetische combinatie van T4 en T3 betreft dus
de stoffen die naast T4 en T3 aanwezig zijn en eventueel de verhouding
T4/T3.”
“Hoe pak ik een verandering in
medicatie concreet aan?”
Lottie van Starkenburg: “Nog een goede
vraag! Hypo maar niet Happy zal binnenkort ‘protocollen’ publiceren voor
de diverse behandelingen met schildklierhormoon en het overstappen op
andere medicatie. Hier is de ruimte te beperkt om een goed antwoord te
kunnen geven.”
Dierlijk schildklierhormoon
“Is thyreoïdum voldoende zuiver in te stellen, stabiel genoeg?”
Dokter Linschoten: “Thyreoïdum is evenals
Armour niet helemaal te standaardiseren maar dat is geen bezwaar omdat
iedere dosering individueel is en de opname per dag altijd varieert ten
gevolge van factoren in maag en darmen en andere condities van de
slikker.”
Lottie van Starkenburg: “Ik zou hier iets
aan toe willen voegen. Levothyroxinetabletten (Thyrax, Euthyrox, Eltroxin)
variëren ook een beetje qua sterkte. Ik heb dit bij de fabrikant van
Euthyrox ooit nagevraagd: het is normaal dat tabletten levothyroxine 100
tot 110 % van de aangegeven dosering bevatten. Met andere woorden: een
tablet van 100 mcg T4 bevat 100 tot 110 mcg T4. Overigens geldt dit niet
alleen voor schildklierhormoontabletten, geen enkel medicijn kan met
oneindige nauwkeurigheid in een tablet worden gestopt.
De fabrikant van ArmourThyroid, Amerikaans dierlijk schildklierhormoon,
garandeert een vaste hoeveelheid (en dus verhouding) T4 en T3 in het
product. Het is niet bekend hoe ‘hard’ deze garantie is, vragen hierover
(per e-mail) werden niet beantwoord. Aangezien dit in Amerika een
geregistreerd medicijn is, zal het ongetwijfeld aan bepaalde eisen (USP =
United States Pharmacopeia) moeten voldoen, maar ik weet niet wat die
eisen precies inhouden.
Het schildklierpoeder (thyreoïdum) dat in Nederland verkrijgbaar is (het
zogenaamde Deense poeder, zie ook ‘Dierlijk schildklierhormoon in
Nederland’ op deze website) kan per partij wat wisselende verhoudingen (en
dus hoeveelheden) T4/T3 bevatten (zie ook vorig antwoord). In hoeverre dat
een probleem is voor de gebruiker verschilt van persoon tot persoon.
Sommige mensen zijn erg gevoelig voor verandering in medicatie en vinden
het waarschijnlijk niet prettig om elke 3 maanden hun dosis te moeten
aanpassen, anderen gebruiken al jaren dezelfde dosering tot volle
tevredenheid. Dit probleem kan trouwens ook spelen bij mensen die alleen
T4 slikken, die merken soms ook verschillen in sterkte van verpakking tot
verpakking op.
Het zou natuurlijk ideaal zijn als er in Nederland een geregistreerde
tablet dierlijk schildklierhormoon beschikbaar zou zijn, die aan dezelfde
eisen als de synthetische preparaten voldoet. Helaas is het nog niet
zover.
Mijn eigen ervaring is, dat als je voldoende T3 binnenkrijgt, je
veranderingen in T4 makkelijker opvangt: sinds ik Cytomel slik heb ik geen
last meer gehad van ‘hypo- of hyperverschijnselen’ als ik aan een nieuwe
verpakking levothyroxine begon.”
“Is er bij het gebruik van
dierlijk schildklierhormoon geen gevaar voor ziekten als
Creutzfeld-Jacob?”
Lottie van Starkenburg: “Nee, dierlijk
schildklierhormoon wordt gemaakt van de schildklieren van biggetjes, en
niet van runderen (risico i.v.m. BSE) of schapen (risico i.v.m. scrapie).
Tot nu toe is er geen ‘gekke varkensziekte’ beschreven… Schildklieren zijn
ook geen hoog-risico materiaal, zoals hersenen en beenderen.”
“Mijn endocrinoloog (AZU) vindt
behandelen met dierlijk schildklierhormoon (Armour) niet te doen, omdat je
niet goed ingesteld kunt worden. Ik hoor van u een ander geluid, maar hoe
voel je zelf dat je op een gegeven moment gaat ‘hyperen’, als je normaal
bij ‘hypo’ ook al nerveuze- en prikkelklachten hebt?”
Lottie van Starkenburg: “‘Hypo- en
hyperklachten’ zijn bij iedereen uniek. Hyperen kan niet alleen herkend
worden aan nervositeit, maar ook aan bijvoorbeeld te warm zijn en veel
zweten, diarree of vaker ontlasting, een snelle hartslag of meer eetlust.
Waar je het eerst en het meest last van hebt, verschilt per persoon.
Probeer erachter te komen wat bij u een duidelijk signaal van ‘hyper’ en
‘hypo’ is!”
Het vroegere bezwaar, stammend uit de
tijd vóór de invoering van synthetisch schildklierhormoon, zoals Thyrax,
dat medicatie van dierlijk hormoon ‘instabiel’ was, noemt dokter
Linschoten ‘achterhaald, geen geldend argument en niet relevant’: “Het
klopt dat dierlijk hormoon niet geheel te standaardiseren valt maar het is
de vraag of dit erg is: een gezonde schildklier produceert immers ook geen
constant gelijke verhouding van hormonen. Bovendien is het oude argument
gebaseerd op onderzoek met gebruik van jodiumverbindingen; ook dit is
geheel achterhaald. De kleine wisselingen in T4/T3-verhoudingen van
dierlijk schildklierhormoonpreparaten worden meestal door patiënten niet
gevoeld.”
“Ik ben vegetariër (géén
veganist). In principe heb ik dus bezwaar tegen dierlijke producten. Wat
raadt u mij aan? (Ik heb het maar niet over de gelatine in Thyrax en
Cytomel!)”
Lottie van Starkenburg: “Als u nu eens
eerst Thyrax en Cytomel probeert, dan kunt u als dat niet het gewenste
effect heeft, altijd nog nadenken over de vraag of u ‘biggetjes wilt
opofferen voor uw gezondheid.’ Overigens, in Armour schijnt geen gelatine
te zitten.”
“In welke gevallen raadt u aan
een synthetische T4/T3-combinatie te nemen en in welke gevallen het
dierlijke medicijn? Wat zijn de nadelen of bijwerkingen van het dierlijke
medicijn?”
Dokter Linschoten: “Mensen zijn variabel;
dat betekent dat bij iedereen persoonlijk gekeken moet worden waar hij of
zij zich het beste bij voelt. Mij is gebleken dat naarmate iemand langer
‘hypo’ is (behandeld, maar vooral onbehandeld), de omzetting van T4 naar
T3 vaak minder goed verloopt. Ook dat pleit voor het gebruik van T3.”
Lottie van Starkenburg: “Overwegingen
zijn: wat geeft u het prettigste idee? Bent u vegetariër? Wie behandelt u?
Door wie wilt u behandeld worden? Wat vergoedt uw verzekering? Reguliere
artsen schrijven over het algemeen al terughoudend T3 voor, en zelden
dierlijk schildklierhormoon. Daarvoor moet je helaas nog vaak naar het
semi-alternatieve circuit. Maar ook daar zijn de artsen, net als reguliere
artsen, lang niet altijd ervaren in de combinatiebehandeling T4/T3: ik
krijg af en toe schrikbarende dosisvoorschriften onder ogen… Wat u ook
wilt slikken, zoek een arts met verstand van zaken!
Mijn indruk is dat het belangrijkste is dát je T3 gebruikt; het is voor de
meeste mensen niet van belang of dat nu synthetisch of dierlijk is.
Sommige mensen doen het beter op een synthetische T4/T3-combinatie,
anderen op dierlijk schildklierhormoon. Mensen die zeer langdurig
on(der)behandeld hypo zijn geweest, lijken vaak meer baat te hebben bij
dierlijk schildklierhormoon, mogelijk omdat de verschillende
omzettingsprocessen (conversie) bij hen niet meer goed verlopen. Op het
web en in boeken zijn mensen (zowel artsen als patiënten) te vinden die om
diverse redenen pro of contra dierlijk schildklierhormoon zijn: “zit alles
in” versus “te veel T3”, of voor of tegen de synthetische T4/T3
combinatie: “verhouding optimaal te regelen” versus “is niet
time-released”. Er zijn er ook die met beide middelen succes boeken.”
Tijdens de avond vroeg iemand
naar de achtergronden van Lottie’s keuze voor een synthetische
T4/T3-combinatie.
Lottie van Starkenburg: “Voor ik aan mijn
arts om T3 vroeg, had ik veel over T4/T3 combinatie-behandelingen gelezen.
Vooral het boek ‘The Thyroid Solution’ van Ridha Arem vond ik erg goed.
Uiteindelijk heb ik om te beginnen een variant van Arem’s protocol bij
mezelf gebruikt. De keuze voor Cytomel was ook een pragmatische: ik
vermoedde dat ik hiermee bij deze arts meer kans zou maken dan met
dierlijk schildklierhormoon. Er was voor mij op dat moment niet aan een
goede kwaliteit dierlijk schildklierhormoon te komen, in elk geval niet
voor een redelijke prijs. Bovendien verwachtte ik niet dat ik grote
conversieproblemen had: ik ben maar kort (‘n half jaar) ‘hypo’ geweest
vóór de diagnose, heb nooit te weinig T4 gekregen, slikte pas een jaar
alleen T4, en kon (kan) goed tegen ‘hyperen’ op T4. Dierlijk hormoon kon
altijd nog. Nu blijkt dat ik het uitstekend doe op een synthetische
T4/T3-combinatie, ga ik daar natuurlijk niets aan veranderen.”
Hypothyreoïdie algemeen
“Moet je altijd een
schildklierscan laten maken om te kijken of er een ontsteking zit?”
Lottie van Starkenburg: “Scans van de
schildklier worden alleen (soms) gemaakt bij struma, (verdenking op)
kanker en andere bijzondere gevallen. Een acute schildklierontsteking gaat
gepaard met een verhoogde bloedbezinking en ‘hyperen’.”
“Ik heb Hashimoto, evenals mijn
moeder. Wat kan een reden zijn dat het zich manifesteert, waarom heb je
daar dan niet al heel je leven last van?”
Lottie van Starkenburg: “De aanleg voor
auto-immuunziekten zit in je genen. Sommige mensen met die aanleg worden
nooit ziek, anderen wel. Waarom dat zo is weten we niet precies. Wel is
bekend dat naast aanleg ook ‘uitlokking’ een rol speelt bij het ziek
worden. Uitlokkingsfactoren kunnen onder andere zijn: hormoonwisselingen,
zwangerschap, bepaalde virussen en bacterieën, een tekort of overmaat aan
jodium, stress .... de lijst is erg lang!”
“Waarom moet je langzaam
opbouwen? Nu slik ik bijvoorbeeld 125 mcg T4 terwijl ik in het begin
hartversnellingen kreeg bij 50 mcg T4. Hoe werkt die gewenning in je
lichaam? M.a.w. wat gebeurt er in je lijf als je begint met opbouwen?”
Dokter Linschoten: “Het lichaam moet zich
aanpassen aan de veranderde hormoonsituatie, dat duurt vaak verscheidene
maanden. Cellen moeten als het ware weer leren dat er voldoende aanbod van
schildklierhormoon is.”
“Hoort keelpijn ook bij de
hypoklachten? Ik heb er namelijk al erg lang en hevig last van.”
Dokter Linschoten: “Dat kan bijvoorbeeld
komen omdat de werking van het immuunsysteem, dus je weerstand, verminderd
is door de hypothyreoïdie.
Lottie van Starkenburg: “Er kan ook een
(klein) struma in de weg zitten.”
“Ik ben 10 jaar moe en depressief
geweest. Sinds 1 jaar ben ik hyperthyreoot geweest, behandeld met
radio-actief jodium en nu hypothyreoot geworden met T4 behandeling. Ik ben
redelijk happy! (Happier dan ooit!) Vraag: zou voorgaande moeheid en
depressiviteit ‘hypo’ geweest kunnen zijn? (Ik had heel veel stress
dankzij studie…) Kan dat, van ‘hypo’ naar ‘hyper’?
Dokter Linschoten: “Dat kan.”
“Wat kunt u vertellen of
uitleggen over kinderen met antistoffen: de ene 80 en de ander 5000?”
Dokter Linschoten: “De hoeveelheid
antistoffen is verschillend en kan sterk wisselen. Dat hangt af van de
reactie van het immuunsysteem.”
“Kan het zijn dat je het na
stoppen met roken aan je schildklier krijgt?”
Dokter Linschoten: “De schildklier wordt
waarschijnlijk enigszins gestimuleerd door roken.”
Lottie van Starkenburg: “Ik heb vaker
gelezen dat mensen zeggen ‘hypo’ te zijn geworden na het stoppen met
roken. Roken heeft een licht stimulerend effect op de stofwisseling en kan
zo een milde hypothyreoïdie maskeren. Roken heeft -zoals op vele delen van
het lichaam- een negatieve invloed op de schildklier. Mary Shomon noemde
in een recent artikel (zie www.thyroid.about.com) nog: verhoogd risico op
schildklierziekten in het algemeen, struma en de oogziekte van Graves. Ook
zouden rokers vaak ernstiger ‘hypo’ zijn dan niet-rokers. Alle reden om te
stoppen en er niet meer aan te beginnen!”
“Ik slik diverse medicijnen tegen
diverse kwalen, hoge bloeddruk, depressie en ziekte van Crohn. Na bijna
een jaar diverse specialisten bezocht te hebben, kwam er één op het idee
om het bloed te testen op TSH. Deze bleek een waarde van 9 te hebben.
Advies was stoppen met bètablokker en lithium. Echter, de artsen die het
voorschrijven zeggen dat het bijwerkingen zijn. De klachten die ik
vanavond hoor zijn in veel gevallen op mij van toepassing. Wat is nu
raadzaam om te doen?”
Lottie van Starkenburg: “Dit is een zeer
complexe situatie. Ik kan u alleen wat algemene tips geven. Een verhoogd
TSH bij litihum-gebruik wordt vaak gezien. Als de verhoging niet extreem
is wordt deze vaak niet behandeld. Hoe terecht dat is durf ik niet te
zeggen. Het gebruik van de bètablokker compliceert uw situatie, omdat deze
medicijnen de omzetting van T4 naar T3 remmen. U noemt dat u de ziekte van
Crohn hebt: dit is ook een auto-immuun ziekte, zodat uw kans om een
auto-immuunschildklierziekte te krijgen verhoogd is. Bent u wel eens op
antilichamen geprikt? Op de website van de Lithium-werkgroep
(www.antenna.nl/lithium) staat ook interessante informatie. Als ik mij
goed herinner is daar ook een goed artikel over lithium-gebruik en Cytomel
(= T3)-gebruik te vinden. Daarin wordt onder andere uitgelegd hoe Cytomel
kan worden ingezet om de cognitieve bijwerkingen van lithium te
bestrijden. Overigens vind ik het heel raar dat uw TSH nu pas bepaald is.
TSH moet frequent gecontroleerd worden bij mensen die lithium gebruiken!
Gezien uw complexe situatie raad ik u aan u goed te informeren en een arts
te zoeken in wie u vertrouwen heeft.”
Diverse vragen
“Wanneer weet ik of ik optimaal
ben ingesteld? Moet ik dan eerst doorschieten met medicijnen zodat ik ga
‘hyperen’ en dan weer minder medicijnen gaan nemen? Ik voel mij namelijk
soms erg goed en soms erg moe onder dezelfde hoeveelheid medicijnen.”
Lottie van Starkenburg: “Dit betekent aan
zelfonderzoek gaan doen over een langere tijd. Durf te experimenteren maar
doe dit met kleine stapjes (van max. 12,5 mcg Thyrax). Hou er rekening mee
dat je, vooral tijdens het herstellen, goede en minder goede dagen hebt.”
Dokter Linschoten: “Het tijdstip van
inname (minimaal een half uur voor het ontbijt) is belangrijk, omdat
verschillende voedingsmiddelen de opname van T4 remmen. Omdat T3 veel
sneller wordt opgenomen is het aan te raden de inname van T3 over de dag
te verdelen.”
“Bestaat er een verband tussen
hypothyreoïdie en hypoglycemie? Bij het verhogen van de dosis Thyrax
worden de hypoglycemie-klachten namelijk erger.”
Dokter Linschoten: “Dat verband is
mogelijk omdat bij lage schildklierwerking ook andere klieren van interne
secretie (= hormonen), in dit geval de alvleesklier, kunnen
disfunctioneren.”
De schildklier heeft dus ook invloed op
de suikerstofwisseling. Hierdoor bestaat de kans op het ontstaan van
hypoglycemie (= te laag bloedsuikergehalte). Vanuit het publiek werd
gezegd: “Om de behoefte aan inname van koolhydraten te verminderen kan men
baat hebben bij de inname van 2 x per dag een eetlepel olie met
onverzadigde vetzuren (bijvoorbeeld visolie of olie van Perfect Balance).
Dit helpt ook bij artritisklachten.” Dit werd bevestigd door dokter
Linschoten.
Verder werd, om ‘zoete’ trek te verminderen, de inname van chroom genoemd
(Pieternel Bouwman). Iemand waarschuwde voor de mogelijk nadelige gevolgen
die dit supplement kan hebben. Gebruik van chroom dus in overleg met de
arts!
“Dokter Linschoten, u zou alsnog
iets over ’hypo en ‘hyper’ tegelijk vertellen?”
Dokter Linschoten: “Tegelijk ‘hypo’ en
‘hyper’ zijn, bijvoorbeeld: ‘druk en onrustig’ in het hoofd terwijl de
rest van het lichaam ‘traag’ is, komt niet zelden voor! Dit ontstaat omdat
spieren en organen andere receptoren voor T3 hebben dan bijvoorbeeld
hersenen en hart. Dit betekent dat er moet worden ‘gesleuteld’ aan de
T4/T3 verhouding.”
Lottie van Starkenburg: “Sommige organen
zijn meer gevoelig voor T4, andere voor T3. Als je alleen T4 slikt of een
T4 en T3 in een verkeerde verhouding, dan kan het zijn dat sommige organen
de juiste hoeveelheid T4 krijgen, andere te veel T4 en te weinig T3, weer
andere te weinig T4, enzovoorts. Dan krijg je ‘hypo’- en ‘hyper’-symptomen
door elkaar heen.
“Als je diabetespatiënt bent en
je hebt hypothyreoïdie zonder het te weten, is het dan mogelijk dat je
insulinespiegel niet is te stabiliseren?”
Dokter Linschoten: “Dat is mogelijk.”
“Welke relatie bestaat er tussen
schildklier en bijnieren?”
Dokter Linschoten: “Die relatie is
belangrijk. Als de bijnieren onvoldoende hormonen afgeven, is het moeilijk
voor de schildklier om goed te functioneren.”
Hypo maar niet Happy:
“Slecht-functionerende bijnieren kunnen ook als gevolg van een langdurig
tekort aan schildklierhormoon ontstaan.”
“Op welke andere
auto-immuunziekten moet ik alert zijn?”
Dokter Linschoten: “Bijvoorbeeld
reumatische ziekten.”
Lottie van Starkenburg: “Als eerste zou
ik een lijstje maken met alle auto-immuunziekten die in de familie
voorkomen en dit lijstje ook aan uw arts geven om in uw dossier te
stoppen. In het algemeen zijn perncieuze anemie, syndroom van Sjögren,
reumatische ziekten en diabetes bekende combinaties met hypothyreoïdie.
Als u meer wilt weten over auto-immuunziekten, is het boek ‘Living well
with auto-immune disease’ van Mary Shomon wellicht iets voor u.”
NB Een recensie van dit boek verschijnt binnenkort op deze website.
“Is er een verband tussen
hypothyreoïdie en migraine? Ik ben ‘hypo’, slik T4 en heb veel migraine,
vochtophoping in het gezicht na lichamelijke inspanning, haaruitval etc.”
Lottie van Starkenburg: “Hypothyreoïdie
kan migraine veroorzaken of verergeren, maar bij slechts een heel klein
deel van de mensen met hypothyreoïdie. Af en toe lees je verhalen van
mensen bij wie migraine ontstond toen ze hypothyreoïdie kregen en/of
waarbij de migraine verminderde of verdween na een goede behandeling van
de hypothyreoïdie. Word jij goed behandeld? Vocht vasthouden en haaruitval
kunnen betekenen dat je te weinig schildklierhormoon slikt! Of migraine en
hypothyreoïdie bij jou iets met elkaar te maken hebben, kan ik natuurlijk
niet zeggen.”
Hypo maar niet Happy: “Hoofdpijn op zich
(geen migraine) is wél een veelgehoorde klacht bij hypothyreoïdie.”
“Hoe worden de waarden van T3, T2
en T1 bepaald?”
Dokter Linschoten: “T3 wordt meestal
bepaald uit serum (bloed), maar kan ook uit 24-uurs urine bepaald worden.
T2 en T1 worden nooit bepaald, hoewel het wel zou kunnen.”
Hypo maar niet Happy: “Over de functie
van T2 is wel iets bekend, maar onvoldoende om er bindende uitspraken over
te doen. Er zijn wat onderzoeken die er op wijzen dat T2 net als T3 actief
betrokken is bij de energiehuishouding in de cellen. Het zou een rol
spelen bij het maken van ATP (adenosinetrifosfaat), de ‘brandstof’ die
cellen gebruiken om te functioneren. Ook wordt vermoed dat T2
verantwoordelijk is voor het stimuleren van de productie van het
deiodase-enzym dat noodzakelijk is voor de omzetting van T4 naar T3.”
“Zou je per dag je dosering
moeten aanpassen aan de omstandigheden (bijvoorbeeld bij ‘stressdagen’) en
hoe weet je dan hoeveel?”
Lottie van Starkenburg heeft zelf
geëxperimenteerd met hoeveelheden en tijdstip van inname. Met name
klachten rond de menstruatie bleek zij ten positieve te kunnen beïnvloeden
door (kleine) aanpassingen in haar dosering schildklierhormoon: “Dit lukt
natuurlijk alleen als je goed de signalen van je lichaam hebt leren
kennen. Nog mooier is het hebben van een arts die bereid en in staat is
tot overleg en ondersteuning.”
Dieet en afvallen
Afvallen bij hypothyreoïdie wil helaas
vaak niet zo makkelijk lukken als soms wordt beweerd...
“In 1997 heb ik de slok moeten
nemen i.v.m. struma. Ik gebruik nu 75 mcg euthyrox en groei dicht.
Rigoreus dieet gedaan met dik resultaat… Vanaf september weer de hele
molen doorgeweest, conclusie: U bent 100% gezond, ga naar de diëtiste en
sportschool…”
“Wat is het beste dieet waar wij
bij af kunnen vallen?
Dokter Linschoten: “Schildklierpatiënten
moeten meer eiwitten (160 gram per dag) en minder koolhydraten tot zich
nemen. Ik adviseer ’s ochtends altijd een gekookt (6 à 7 minuten) ei te
eten. In het eiwit zitten voor schildklierpatiënten belangrijke stoffen.
Nee, dat kan geen kwaad. Het verhaal over de schadelijke gevolgen van
cholesterol is achterhaald. Belangrijk is om juist onverzadigde vetten te
eten, bijvoorbeeld (zee)vis, rauwkost en zo min mogelijk koolhydraten,
vooral niet de geraffineerde zoals suiker en alles wat ervan is gemaakt.
Melkproducten: alléén zure (yoghurt, karnemelk enz.).”
“Als je als hypo niet goed kan
afvallen door gebrek aan eiwitten, hoe raak ik dan mijn kilo’s kwijt?”
“Kun je zelf iets doen aan de
spierklachten? Andere voeding, welke sport, een supplement?
Dokter Linschoten: “Er zijn allerlei
mogelijkheden voor eiwitten; ook zijn er orthomoleculaire middelen om vet
kwijt te raken, bijvoorbeeld l-carnitine en hydroxycitroenzuur. Beweging
is natuurlijk ook een belangrijke faktor!”
“Ik val al 5 jaar niet meer af en
ben ruim 10 kilo te zwaar. Ik eet gezond (getest met diëtiste). Kan ik
naast meer eiwit eten nog meer doen om af te vallen? Heeft Armour (i.p.v.
de synthetischeT4/T3 combinatie) hier invloed op? En bijnieren en T2?”
Probeer dierlijk schildklierhormoon. Het
is inderdaad belangrijk de bijnierfunctie te doen bepalen: DHEA
(dehydroepiandrosterone, een bijnierschorshormoon) uit serum (bloed) is
een goede graadmeter.
Voeding en supplementen
“Kunt u wat meer vertellen over
voeding?”
Dokter Linschoten: “Voeding is de basis
van gezondheid. Er is erg veel over te zeggen en er wordt veel te weinig
aandacht aan besteed in de geneeskunde.”
“Ik heb gelezen op de Hypo maar
niet Happy-site dat selenium anti-stoffen remt c.q. vermindert. Welke
antistoffen zijn dat? En welke dosis selenium zou dat bewerkstelligen?”
Dokter Linschoten: “Selenium is erg
belangrijk bij hypothyreoïdie, b.v. voor de omzetting van T4 in T3. Verder
is het een belangrijk anti-oxydant en bevordert het de werking van het
immuun-systeem, verhoogt zo de weerstand. Als je 1 maal per dag 200 mcg
neemt kan het niet schadelijk zijn. Veel mensen nemen het in om
preventieve reden (Nederlandse grond, met name in het oosten, is
selenium-arm).”
Noot: Selenium kan bij enkele malen de ADH (Aanbevolen Dagelijkse
Hoeveelheid) al verschijnselen van overdosering geven. Pas dus op met
grote hoeveelheden slikken, of raadpleeg een deskundige. Deze waarschuwing
geldt voor nog enkele mineralen.
“Is het raadzaam selenium en
vitamine B12 te slikken en hoeveel?”
Dokter Linschoten: (zie vorig antwoord)
“B12 kan ook van betekenis zijn. Uit haar is selenium te evalueren en B12
uit serum (bloed).”
Lottie van Starkenburg: “Sommige mensen
met hypothyreoïdie ontwikkelen pernicieuze anemie, een auto-immuunziekte.
Deze vorm van bloedarmoede (en andere problemen) onstaat door een tekort
aan vitamine B12. Dit tekort kan verschillende oorzaken hebben. Bij
pernicieuze anemie worden de maagcellen die de zgn. ‘intrinsic factor’
maken vernietigd. Zonder deze stof kan vitamine B12 niet worden opgenomen
uit voedsel. Het slikken van vitamine B12 heeft dan geen zin, er zijn
regelmatige injecties met vitamine B12 nodig.”
“Is koffie echt zo slecht? Zo ja,
waarom?”
Dokter Linschoten: “Als je koffie niet te
sterk en niet te veel drinkt, met een beetje sojamelk, is het zeker niet
slechter dan (zwarte) thee.”
“Na langdurig Thyrax-gebruik (20
jaar) is een tekort ontstaan aan stoffen, blijkt uit onderzoek door een
orthomoleculaire geneeskundige. Ik krijg onder andere phenylalanine en
tryptofaan. Kunt u daar wat over zeggen?”
Dokter Linschoten: “Dit zijn 2 van de 8
essentiële aminozuren (bouwstenen van eiwitten). Het zijn voorlopers van
zgn. neurotransmitters, dat zijn stoffen die een belangrijke rol spelen in
het functioneren van de hersenen. Als zodanig kunnen zij behulpzaam zijn
bij hypothyreoïdie. Overigens kunt u ook aanvulling met T3 proberen.”
Vrouwelijke hormonen en
hypothyreoïdie
“Ik dacht al drie jaar in de
overgang te zijn, had onregelmatige menstruaties. Op het laatst
menstrueerde ik helemaal niet meer. Toen bleek ik ‘hypo’ te zijn. Na 2
maanden Thyrax-gebruik werd ik weer een keer ongesteld, daarna weer een
paar maanden niet. Kan door het begin van de overgang (hormoonwisseling)
een hypothyreoïdie onstaan? Of is de menstruatiestoornis het gevolg van de
hypothyreoïdie?”
Lottie van Starkenburg: “Allebei is
mogelijk. De hormoonwisselingen die horen bij de overgang vergroten de
kans dat hypothyreoïdie ontstaat, en hypothyreoïdie kan
menstruatiestoornissen veroorzaken.”
“Ik heb 10 IVF-pogingen gedaan.
Na de derde poging die eindigde in een miskraam, heb ik migraine gekregen
(m.n. met ongesteldheid). Kunnen deze behandelingen de oorzaak zijn van
hypothyreoïdie? De arts zegt dat ik Hashimoto heb en dat dat er niets mee
te maken heeft.”
Lottie van Starkenburg: “In hoeverre
IVF-behandelingen een (negatieve) invloed hebben op de schildklier weet ik
niet. Het zou ook wel eens omgekeerd kunnen zijn, dat een lichte
hypothyreodie en/of de aanwezigheid van antilichamen uw vruchtbaarheid in
de weg heeft gestaan. Een milde hypothyreoïdie is voor sommige vrouwen al
genoeg om niet zwanger te raken, anderen hebben een TSH van 20 en zijn
binnen 3 maanden in verwachting. De aanwezigheid van antilichamen tegen de
schildklier verhoogt het risico op een miskraam iets. Voor meer informatie
kan ik Mary Shomon’s boek ‘Living well with hypothyroidism’ en haar
website (www.thyroid.about.com) aanraden.”
“Tot mijn eerste zwangerschap heb
ik jarenlang Thyranon (= dierlijk schildklierhormoon) geslikt. Tijdens de
zwangerschap heb ik plotseling moeten stoppen van de arts (nieuwe huisarts
die schrok van deze medicijnen). Na de zwangerschap was hypothyreoïdie
niet meer aantoonbaar m.b.v. bloedwaarden. Symptomen zijn wel aanwezig.
Vraag: kan ik in de loop der jaren (of na zwangerschap) een te lage
stofwisseling overgaan?”
Lottie van Starkenburg: “Het herstelt
zich soms. Maar houdt uw klachten en symptomen goed in de gaten en dring
aan op een uitgebreid bloedonderzoek.”
“Na mijn zwangerschap ben ik
anti-stoffen (tegen de schildklier) gaan aanmaken en kreeg ik ernstige
klachten. Kan het zo zijn dat ik de jaren ervoor al een lichte
hypothyreoïdie heb gehad?”
Lottie van Starkenburg: “Ja, dat is
mogelijk. Zoals veel auto-immuunzieken treedt (Hashimoto-) hypothyreoïdie
vaak sterker op de voorgrond na een zwangerschap. Het kan zijn dat de
zwangerschap het laatste duwtje heeft gegeven naar een ernstige
hypothyreoïdie.”
“Heeft een IUD (Intra Uterine
Device = spiraaltje) of de pil invloed op hypothyreoïdie?”
Lottie van Starkenburg: “Alle
anticonceptiemiddelen die oestrogeen bevatten zorgen ervoor dat de
hoeveelheid bindingseiwitten in het bloed stijgt. Hierdoor stijgt het
totaal-T4 en -T3 en daalt het FT4 en FT3. Het lichaam kan alleen gebruik
maken van het vrije hormoon (FT4 en FT3), daarom moet bij starten met
anticonceptie vaak de dosis schildklierhormoon worden verhoogd, en bij
stoppen worden verlaagd.”
“Tijdens mijn zwangerschap voelde
ik mij aanmerkelijk beter. Is dit normaal? De eerste vier maanden daarna
ook, toen kreeg ik post-partum thyreoiditis en sindsdien heb ik veel last
van schommelingen.”
Lottie van Starkenburg: “Veel vrouwen
melden dat zij zich gedurende hun zwangerschap beter voelen. Dit heeft
waarschijnlijk te maken met het immuunsysteem dat zich tijdens de
zwangerschap ‘koest’ houdt… om er daarna dubbel zo hard tegen aan te gaan.
Aanhoudende schommelingen kunnen een gevolg zijn van wisselende
auto-immuun- en herstelreacties, maar ook van onbalans in de vrouwelijke
hormonen. Kijk op de website van Mary Shomon (www.thyroid.about.com) voor
meer informatie.”
Beschikbaarheid en vergoeding van
schildklierhormoonpreparaten
“Worden de dierlijke
hormoonpreparaten vergoed door de zorgverzekeraar?”
Dokter Linschoten: “Thyreoïdum
wordt geheel vergoed door het ziekenfonds. Iedere arts en dus ook iedere
huisarts in Nederland kan het voorschrijven! Het wordt magistraal bereid
(door de apotheek in capsules gedaan) maar is nog niet bij veel apotheken
verkrijgbaar omdat men tegenwoordig vaak geen zin meer heeft in deze
werkzaamheden. Het is in ieder geval te verkrijgen bij een apotheek hier
in Utrecht en bij Apotheek Aa-straat in Groningen.”
Hypo maar niet Happy: “De
T4/T3-verhouding in thyreoïdum ligt gemiddeld op ongeveer 3 : 1 (variatie
per partij globaal tussen 2,5 : 1 en 3,5 : 1). Mensen voor wie deze
verhouding niet optimaal is kunnen wat extra (synthetisch) T4 innemen.
Overigens, vanaf januari 2003 zal thyreoïdum ook als tablet te bestellen
zijn! Nader bericht volgt. Een lijst met de ons bekende adressen van
thyreoïdum-leverende apotheken verschijnt binnenkort ook op de website.”
Lottie van Starkenburg: “Er waren
verschillende vragen over de beschikbaarheid en vergoeding van
T3-medicijnen. Een beknopt overzicht: Cytomel is
tijdelijk niet verkrijgbaar in Nederland. Maar met een recept en een
artsenverklaring levert de apotheek tabletten uit Duitsland (Thybon)
of Frankrijk (Cynomel). Deze informatie staat ook op het
apothekers-intranet! Cytomel valt onder het GVS (Geneesmiddel Vergoedings
Systeem) en wordt dus vergoed. Het is overigens spotgoedkoop, ik slik voor
minder dan 10 euro per maand. Mijn apotheek declareert het ook direct bij
mijn verzekering. Waarom andere apotheken dat soms niet (zeggen te)
kunnen, is mij daarom een raadsel. Meer informatie is te vinden onder
‘nieuws’ op deze website. ArmourThyroid (een Amerikaans
merk dierlijk schildklierhormoon) kan met een artsenverklaring door uw
eigen apotheek bij de Internationale Apotheek in Venlo besteld worden.
Vergoeding hangt sterk af van uw verzekering en Armour is prijzig! Wanneer
u het zelf moet betalen is het aan te raden ArmourThyroid in België, waar
een twintigtal apotheken het middel op voorraad heeft, te gaan (laten)
halen of het te bestellen bij een apotheek in Duitsland, die het per post
verstuurt. Daar liggen de prijzen aanmerkelijk lager. Naast het recept is
een artsenverklaring meestal een vereiste. Meer informatie onder
‘medicatie > ArmourThyroid’ op deze website. Voor een overzicht van de
verschillende varianten dierlijk schildklierhormoon die in Nederland
verkrijgbaar zijn verwijs ik naar ‘Dierlijk schildklierhormoon in
Nederland’ onder ‘nieuws’ op deze website.”
Aanbevolen artsen
Er waren verschillende vragen
naar goede artsen in bepaalde regio’s en/of artsen die T3 voorschrijven.
Lottie van Starkenburg: “Hypo maar niet
Happy beveelt geen artsen aan! Op de website is wel een
lijstje te vinden
van artsen die door patiënten persoonlijk worden aanbevolen. Ook op het
Hypoforum zijn ervaringen van mensen met hun arts te lezen. Daar kunt u
ook vragen naar ervaringen van anderen. Opbellen naar ziekenhuizen en
vragen naar artsen die T3 voorschrijven, geïnteresseerd zijn in
schildklierziekten, goed kunnen luisteren of aan andere wensen voldoen kan
waardevolle tips opleveren.”
december 2002
terug naar boven |