Coeliakie (Gluten-intolerantie)

Wat is coeliakie (gluten-intolerantie)?
Coeliakie is een intolerantie voor gluten, een eiwit dat voorkomt in de granen tarwe, rogge, gerst, spelt en kamut. De gluten beschadigen het darmslijmvlies.

Een gezonde dunne darm heeft aan de binnenkant een enorm aantal darmvlokken (uitstulpingen) De darmvlokken van coeliakiepatiënten worden door gluten kapot gemaakt en kunnen niet genoeg enzymen meer uitscheiden voor de voedselvertering en -opname. Daardoor ontstaat een darmontsteking en kunnen niet alle benodigde voedingsstoffen door het lichaam meer worden opgenomen.

Het darmoppervlak van een gezond persoon is, door de darmvlokken, zo groot als een voetbalveld. Het darmoppervlak van een coeliakiepatiënt kan gereduceerd zijn tot het oppervlak van een eettafel (!).
Coeliakie (spreek uit seuliakíe) is afgeleid van het Griekse woord "koilia", wat buik of buikholte betekent. Al in 1887 zijn gevallen van coeliakie beschreven. Pas in 1950 werd de ziekte (en oorzaak) ontdekt5).

terug naar boven


Waarom staat dit op een site over schildklierziekten?
Coeliakie is ook een auto-immuunziekte. De ziekte van Hashimoto (de auto-immuunvorm van hypothyreoïdie) en coeliakie is een veel voorkomende combinatie van auto-immuunziekten. Bij deze combinatie komen ook vaak voor 4):

  • pernicieuze anemie (auto-immuun B12 gebrek),
  • diabetes type I (suikerziekte waarbij je insuline moet spuiten)
  • bijnierproblemen (ziekte van Addison)
  • alopecia areata (ziekte waarbij haaruitval optreedt)

Helaas wordt coeliakie net als hypothyreoïdie vaak laat ontdekt, met onnodig lijden als gevolg.

terug naar boven


Oorzaken
Bij coeliakie speelt erfelijke aanleg een rol. 10% van de eerstegraads-familieleden van de coeliakiepatiënt heeft de ziekte ook. Bij 70% van de eeneiïge tweelingen hebben allebei coeliakie; bij 30% dus niet6). Dit betekent: heb je de genen voor coeliakie, dan kún je de ziekte krijgen, maar dat hoeft niet.  

Omgevingsfactoren spelen dus ook een rol in het ontstaan van de ziekte. Het is niet precies duidelijk welke factoren dat zijn. Uit onderzoek is gebleken dat het te snel opvoeren van de hoeveelheid op de babyleeftijd de ziekte kan uitlokken4). Tegenwoordig gaat een baby al aan de Bambix als zij 7 maanden is; een éénjarige krijgt al een aanzienlijke hoeveelheid gluten binnen.

Coeliakie zou ook getriggerd worden door een infectie met een virus dat biologisch op gluten lijkt. Ook de duur van de borstvoeding zou een rol kunnen spelen.    

terug naar boven


Symptomen 1,2)

Het klassiek beeld van coeliakie, dat vaak voorkomt bij jonge kinderen,  is:

  • chronische diarree
  • smeuïge, stinkende ontlasting
  • opgezette buik
  • misselijkheid en overgeven
  • ondergewicht, dunne armen en benen
  • groeistoornissen
  • tekorten aan voedingsstoffen zoals ijzer, calcium, foliumzuur, B-vitamines

Als het auto-immuunproces agressief is, komt de coeliakie al snel naar voren, variërend van een paar weken tot enkele jaren na de start met consumptie van gluten.

Het auto-immuunproces kan ook heel langzaam verlopen. Omdat het dunnedarmoppervlak erg groot is, kun je jarenlang rondlopen met de ziekte zonder dat die wordt opgemerkt. Als de schade aan de darm toeneemt krijg je één of meerdere, soms vage klachten:

  • overmatige ontlasting ("remsporen")
  • huilerigheid, depressiviteit
  • andere psychische/neurologische problemen, zoals vergeetachtigheid
  • buikpijn
  • winderigheid
  • verstopping
  • veel moeten boeren, vooral na de maaltijden
  • bloedarmoede (ook een laag ijzer maar een normaal hemoglobinegehalte (hb) kan voorkomen)
  • botontkalking (met als gevolg botbreuken)
  • onvruchtbaarheid, miskramen
  • slechte weerstand (vaak ziek zijn)
  • huidaandoeningen
  • epilepsie

Daarnaast geldt dat:

  • coeliakie ook kan samengaan met dermatitis herpetiformis; dit gaat gepaard met huiduitslag in de vorm van blaasjes of rode bultjes die erg kunnen jeuken
  • onbehandelde coeliakie leidt ook tot een groter risico op bepaalde vormen van kanker.

 

Sommige klachten, zoals buikpijn en misselijkheid, zijn een direct gevolg van de beschadigde darm. Andere, zoals botontkalking, kanker en bloedarmoede, zijn complicaties.

De botontkalking (osteoporose) kan bij volwassenen ernstige vormen aannemen; sommige patiënten blijken bij diagnose van coeliakie de botten de hebben van een 90-jarige. Heb je coeliakie, vraag dan altijd om een botdichtheidsmeting!

Ook is het belangrijk dat voedingstekorten opgespoord worden. Behalve een ijzertekort, kunnen ook andere tekorten voorkomen.

terug naar boven

Hoe vaak komt coeliakie voor?

Vroeger werd gedacht dat coeliakie bij 1:2500 mensen voorkwam. Uit een recent onderzoek is gebleken dat coeliakie bij 1:200 mensen voorkomt (een deel van hen heeft ook inderdaad klachten; een ander deel heeft nog geen klachten).

Er zijn inmiddels 10.000 patiënten gediagnosticeerd. Dat betekent dat er nog zo´n 70.000 zoek zijn. Een gemiddelde huisarts heeft nu 1 à 2 coeliakiepatiënten, maar zou er dus een stuk of 10 moeten hebben!!!

terug naar boven


Hoe wordt de diagnose gesteld?
Vaak wordt eerst een bloedonderzoek gedaan, waarbij gekeken wordt of er antistoffen zijn tegen de bestanddelen van gluten. Dit bloedonderzoek geeft echter geen uitsluitsel: De bloedtest kan negatief zijn terwijl de patiënt toch coeliakie heeft. Andersom kan - net als bij andere auto-immuunziekten - ook: een positieve bloedtest maar toch geen coeliakie.

Alleen een dunnedarmbiopsie, waarbij een biopsie wordt genomen van het darmslijmvlies kan echt uitsluitsel geven. Belanrijk is dat de biopsie gedaan wordt vóórdat er begonnen wordt met een glutenvrij dieet. Door het glutenvrij dieet kan de schade aan de dunne darm snel herstellen waardoor een diagnose niet meer mogelijk is.

Het komt regelmatig voor dat de ziekte pas laat ontdekt wordt. Een diagnose op 40-jarige leeftijd is geen uitzondering. Om de vervelende complicaties van coeliakie te vermijden is een vroeg diagnose erg belangrijk7).  

terug naar boven

Hoe wordt coeliakie behandeld?
Coeliakie kan niet worden genezen; alleen de gevolgen worden ´behandeld´ door het (levenslang) volgen van een strikt glutenvrij dieet. Aan de onderliggende auto-immuunziekte, kan net als bij schildklierziekten, niets gedaan worden.

Door het volgen van het glutenvrije dieet zullen de klachten grotendeels verdwijnen. Het dunne darmslijmvlies kan zich herstellen. Hoe snel er verbetering intreedt, is per persoon erg verschillend. Het kan enkele weken, maar ook járen duren. Na 1 jaar dieet is de darm bij 20% van de patiënten hersteld; na 5 jaar is 80% hersteld.

Naast het dieet zijn soms aanvullende supplementen nodig om tekorten aan te vullen, zoals calcium, ijzer en andere vitaminen en mineralen.

terug naar boven

Het glutenvrije dieet

Het glutenvrije dieet is geen gemakkelijk dieet. Gluten komt voor in tarwe, rogge, haver, gerst, spelt, kamut en triticale (kruising van tarwe en rogge).

Verboden voedingsmiddelen zijn:

  • ´Gewoon´ brood, beschuit, crackers, pannenkoeken,
  • muesli,
  • koek, gebak,
  • pizza en pasta, vermicelli,
  • Alle producten die gepaneerd zijn,
  • Alle met tarwemeel gebonden producten.

In plaats hiervan moet je dieetproducten kopen of je krijgt er een nieuwe hobby bij: bakken.  

Daar blijft het echter niet bij. Veel levensmiddelen bevatten verborgen gluten. 
Drop, snoep, mayonaise, ketchup, chips, zelfs make-up, tandpasta en lijm…. kan tarwe(zet)meel bevatten. En: dat is vaak niet af te lezen van het etiket.
Ook op het oog glutenvrije levensmiddelen kunnen gluten bevatten omdat ze tijdens het productieproces besmet zijn. Daarom kunnen bv. sommige merken rijst of yoghurt zelfs gluten bevatten.  


Daarnaast moet het dieet ook nog eens strikt gevolgd worden. Kleine sporen van gluten kunnen alweer klachten geven. Boter die gebruikt is om tarwebrood te besmeren is verboden, want deze bevat sporen van gluten. Dat geldt ook voor een zak chips waar iemand die net een boterham heeft gegeten een handje uithaalt.

Het voedingscentrum jaarlijks een boekje uit met vele levensmiddelen die glutenvrij zijn (de zogenaamde Livo merkartikelenlijst). Helaas staat daarin lang niet alles wat te koop is, Bovendien bevat het soms fouten (bijvoorbeeld omdat gedurende het jaar de receptuur van een product is veranderd). Daarom is de coeliakiepatiënt vaak in de weer met allerlei lijsten die hij zelf bij de fabrikant op moet vragen. Dit maakt niet alleen het boodschappen doen en koken lastig en ingewikkeld, maar ook feestjes, uit eten gaan en reizen.

Bij het dieet is het belangrijk om de volwaardigheid van de voeding goed in de gaten te houden (let op jodium, ijzer, calcium, b-vitamines en voedingsvezel).

Daarnaast kunnen – door de beschadigde darm - ook andere intoleranties of allergieën ontstaan (bijvoorbeeld voor lactose, koemelk, noten, ei, enzovoorts). Het is daarom belangrijk om naar een goede diëtiste te gaan (coeliakie vraagt hele specifieke kennis). Ook contact met lotgenoten is heel waardevol.

terug naar boven

Twee ervaringsverhalen

Irma: Mijn klachten werden toegeschreven aan mijn schildklier. Tot ik bijna niet meer kon eten…  
Na haar tweede bevalling kreeg Irma hypothyreoïdie. Alle klachten die ze had werden toegeschreven aan de hypothyreoïdie. Ze bleef echter maar schommelen van hyper naar hypo. Pas een jaar later, toen ze in korte tijd 5 kg was afgevallen, werd coeliakie ontdekt. Lees …  

Astrid: Pas toen mijn jongste kindje coeliakie bleek te hebben, werd ik ook onderzocht…
Ook Astrid kreeg na haar tweede bevalling hypothyreoidie. Ondanks medicatie bleef ze moe en hield ze stemmingsstoornissen. Toen werd bij haar jongste kindje coeliakie geconstateerd. Lees …

terug naar boven


Wat moet ik als hypo in mijn oren knopen?

  • Heb je auto-immune hypothyreoïdie, dan heb je een verhoogd risico op coeliakie.
    Ook hebben onderzoekers ontdekt dat bij patiënten met zowel coeliakie als auto-immune hypothyreoidie meer andere auto-immuunziekten voorkomen dan bij patiënten met álleen hypothyreoidie 8,9).
  • Coeliakie moet zo snel mogelijk behandeld worden.
    Als coeliakie zo snel mogelijk behandeld wordt middels een dieet zou dat het risico op andere auto-immuunziekten verminderen. Ook kun je daarmee complicaties zoals botontkalking voorkomen.
  • Als je hypo bent en schildklierhormoon slikt kan je - als je met onontdekte coeliakie rondloopt – schommelende schildklierwaardes krijgen.
    Schommelende waardes zijn erg vervelend. Omdat de darm beschadigd is, kan het namelijk zijn dat de T4 wisselend opgenomen wordt. Daardoor ben je niet in te stellen op schildklierhormoon.
  • De klachten van coeliakie kunnen erg op die van hypothyreoïdie lijken.
    De misselijkheid, maagdarmklachten, depressie, humeurigheid kunnen hetzelfde zijn als bij hypothyreoïdie. Bij hypo’s worden alle klachten al gauw toegeschreven aan de hypothyreoidie. 


terug naar boven

Waar kan ik meer informatie vinden?
Op het web is veel informatie te vinden, o.a.:

www.coeliakievereniging.nl   

Site van de Nederlandse Coeliakie Vereniging (NCV)

http://health.groups.yahoo.com/group/coeliakie/

Lotgenotencontactgroep, waar je al je vragen kwijt kunt (erg handig!)

www.voedingscentrum.nl   

Bestellen van het Livo boekje (merkartikelenlijst)

www.vcv.coeliakie.be/   

Site van de vlaamse coeliakievereniging

www.coeliakie.tk   

Site speciaal gericht op jongeren

www.veldmuisdesign.nl/coeliakie/   

Een site voor mensen die bezoek krijgen van iemand met coeliakie

http://coeliakie.pagina.nl/   

Veel links naar sites over coeliakie  

terug naar boven



Bronnen
Voor dit stuk is gebruik gemaakt van de volgende bronnen:

1. www.coeliakievereniging.nl en http://www.vcv.coeliakie.be
2. MAR beantwoord meest gestelde vragen. Glutenvrij, jaargang 2, juni 2002: 12-13.  
3.
De verrassend vele gezichten van coeliakie. Glutenvrij*), jaargang nr 3, september 2003:16-17.
4.
Doorbraak in preventie en behandeling van coeliakie. Glutenvrij, 30e jaargang nr. 3, juni 2003:18-19.
5.
Van tropische spruw tot coeliakie. Glutenvrij, 30e jaargang nr. 3, juni 2003: 22-23  
6. Mar beantwoordt meest gestelde vragen (3). Glutenvrij, 29e jaargang, nr. 4, december 2002: 15.  
7. Vroege diagnose voorkomt veel ellende. Glutenvrij, 29e jaargang nr. 3, september 2002:20-21.  
8. Usefulness of Screening Program for Celiac Disease in Autoimmune Thyroiditis. Irene Berti, Chiara Trevisiol et al.  Digestive Diseases and Sciences, February 2000;45:403-406.  
9. Celiac Disease and Autoimmune Endocrinologic Disorders. Katri Kaukinen. Digestive Diseases and Sciences, Jul 1999; 44:1428-1433.

*) Glutenvrij is het verenigingsblad van de Nederlandse Coeliakie Vereniging (NCV)


Februari 2004, Hypo maar niet Happy